Waarom de Huis- en hobbydierenlijst faalt

De Huis- en Hobbydierenlijst is opgezet om zoveel mogelijk niet-gedomesticeerde soorten te verbieden, zonder voldoende wetenschappelijke basis. Soorten zijn beoordeeld op kenmerken van totaal andere dieren, zoals giraffes, olifanten, ijsberen en reuzenpanda’s, zonder naar realistische risico’s te kijken. Hierdoor zijn veel soorten, die zonder probleem gehouden worden, onterecht verboden.

Doel van positieflijsten was niet het doel van de Minister

Het systeem van positieflijsten, zoals de Huis- en hobbydierenlijst, is ontwikkeld met als doel het welzijn van dieren en de gezondheid van zowel mens als dier te beschermen. Door moeilijk te houden diersoorten niet op een positieflijst te plaatsen, moeten de gezondheid, veiligheid en welzijn van mens en dier beschermd worden.

Voor de Huis- en hobbydierenlijst was het doel echter om zoveel mogelijk niet-gedomesticeerde soorten (volgens de definitie van de Minister) te verbieden. Dit blijkt duidelijk uit de methodiek die gebruikt is om de lijst op te stellen, die aan geen enkele eis die aan dit soort wetgeving gesteld worden, voldoet.

Beoordeling van de soorten

Bij een goede methode worden diersoorten beoordeeld op basis van biologische kenmerken die aanzienlijke problemen kunnen veroorzaken voor het welzijn van dieren of de gezondheid van mens en dier. Er wordt dan gekeken wat deze problemen zijn en wat de kans is dat ze optreden bij het houden van de soort. Ook wordt beoordeeld hoe deze problemen kunnen worden voorkomen, waarbij een verbod het laatst gekozen middel moet zijn.

Bij de methode van de Huis- en hobbydierenlijst wordt bij de beschrijving van de eigenschap die een probleem kan vormen, voortdurend verwezen naar soorten die helemaal niet worden gehouden, zoals giraffes (soort trekt rond), olifanten (eet boombast tijdens het foerageren),  ijsberen (niet aangepast aan ons klimaat) en reuzenpanda’s (voedselspecialisatie). Heeft een heel andere diersoort een aantal van deze eigenschappen, dan is hij niet op de Huis- en hobbydierenlijst geplaatst, zonder enige onderbouwing van de aannemelijkheid van problemen.

Ontheffingen

Tenslotte wordt overal verkondigd dat soorten die niet op de Huis- en hobbydierenlijst staan, verboden zijn. Dit is pertinent onjuist. Op grond van een belangrijke uitspraak van de Europese rechter, het Andibel-arrest, moet de Minister aan iedereen die kan aantonen dat hij een diersoort op een goede manier kan houden, een ontheffing verlenen. Dit mag niet beperkt worden tot heel bijzondere omstandigheden, zoals de Minister wil.

Duidelijke fouten in de methodiek

Het is duidelijk dat de methodiek voor de Huis- en hobbydierenlijst niet deugd. Het verbod, waar zoveel publiciteit over is geweest, is in strijd met de meest basale eisen aan een positieflijst. Veel soorten die op de lijst zijn geplaatst, kunnen zonder problemen worden gehouden. De methodiek heeft geleid tot ongegronde verboden en weerspiegelt niet de werkelijke risico’s van het houden van deze diersoorten.

Oplossing: goede houderijvoorschriften

De oplossing ligt in het implementeren van goede houderijvoorschriften, zoals die in Gidsen voor Goede Praktijken (GGP), zoals kort geleden vastgesteld voor een bijzonder en leuk dier: de Siberische vuurwezel (Mustela sibirica sibirica). Dit zou ervoor zorgen dat diersoorten op een verantwoorde en veilige manier gehouden kunnen worden.

De ontheffingsplicht zou daarbij moeten gelden voor diersoorten die bijzondere kennis en/of voorzieningen vereisen, zodat het welzijn van deze diersoorten en de veiligheid van mensen gewaarborgd blijven.